Sluitertijd

Een van de manieren om de hoeveelheid licht in een foto aan te passen is de sluitertijd. Als je normaal gesproken in de automatische stand schiet heb je hier niet veel mee te maken gehad. Als je de sluitertijd wil aanpassen is het handig om hem daarvoor in een geschikte stand te zetten. De meest handige om mee te oefenen is de sluitertijd-prioriteit modus (S of Tv). Deze zorgt ervoor dat je de sluitertijd kunt aanpassen, zonder dat je foto meteen overbelicht raakt als je een te lange of te korte sluitertijd kiest.

De sluitertijd staat voor de tijd die de sluiter van je camera open staat tijdens het maken van een foto. Hoe langer de sluiter open staat, hoe meer tijd het licht heeft om een beeld op de sensor van je camera te maken. Een foto gemaakt met een langere sluitertijd is dus vanzelfsprekend lichter dan een foto met een korte sluitertijd. Hoe veel donkerder of lichter heeft te maken met hoe veel langer of korter de sluiter open heeft gestaan. In dit artikel behandel ik hoe je de juiste sluitertijd kunt kiezen voor jouw ideale foto!

De bewogen foto

De lengte van de sluitertijd heeft direct invloed op of een foto bewogen is of niet. Je kent het vast wel. Iedereen staat perfect klaar voor jouw foto, maar terwijl je de foto maakt besluit iemand om toch op een andere manier te gaan staan. Het resultaat: een bewogen foto. Dit heeft er vaak mee te maken dat de sluiter redelijk lang open staat. De lengte van de sluitertijd betekent niet alleen dat er meer licht binnenkomt, het betekent ook dat alle beweging die in de tijd dat de sluitertijd open staat wordt vastgelegd. En soms is dit precies wat je wil. Het komt helaas ook vaak voor dat dit niet is wat je wil. In dit geval is het handig om de sluitertijd juist zo kort mogelijk te houden om ervoor te zorgen dat alles er haarscherp op staat.

Creatieve beweging

Hoewel het dus vaak niet gewenst is om beweging op je foto te hebben, kan het ook juist ontzettend leuke effecten hebben. Denk bijvoorbeeld aan een stromend beekje of waterval waarbij het water een waas is, of aan een sportfoto waarbij de achtergrond een grote streep lijkt te zijn maar de sporter er haarscherp op staat. Dit allemaal heeft te maken met de instellingen van de sluitertijd van je camera.

Deze foto heb ik gemaakt door juist een lange sluitertijd te gebruiken (1/4 seconden)
Het technische gedeelte

De sluitertijd zul je herkennen als de breuken die je camera weergeeft. Bijvoorbeeld 1/60 of 1/2000. Deze getallen lijken ingewikkeld maar geven juist precies aan wat je verwacht; hoe lang de sluiter open staat als je de foto maakt. De 1/60 betekent letterlijk dat de sluiter 1/60e  deel van een seconde open staat, en bij 1/2000 staat hij dus maar 1/2000e deel van een seconde open! Dat is erg kort, en met deze snelheid kun je er bijna zeker van zijn dat je geen bewogen foto hebt. Het nadeel is dat het erg lastig is om nog voldoende licht binnen te krijgen met deze stand, dus werkt het bijna alleen op een dag dat de zon fel schijnt. Aan de andere kant van de meter heb je de getallen zonder breuk. Bijvoorbeeld 3”, wat staat voor 3 seconden. Dit is best wel lang! Het is met zo’n lange sluitertijd haast niet mogelijk om een onbewogen foto te maken. Het is voor mensen namelijk niet echt mogelijk om zo lang stil te staan als ze de foto maken. Om dit te omzeilen kun je een statief gebruiken. Die staat wel mooi stil en daardoor kun je toch foto’s maken met creatieve beweging of meer licht.

Stops

In het vorige artikel heb ik uitgelegd wat stops zijn. Hoeveel stops licht er in je camera komen kun je beïnvloeden met je sluitertijd! Weet je nog dat ik zei dat iedere stop een verdubbeling of halvering van het licht ten opzichte van de vorige stop betekende? Dat kun je hier goed gebruiken. Een dubbel zo lange sluitertijd betekent namelijk de dubbele hoeveelheid licht. Als je een sluitertijd van 1/60e van een seconde hebt en je bent 1 stop overbelicht, kun je de hoeveelheid licht halveren om 1 stop omlaag te gaan. Voor de ideale foto heb jij dus een sluitertijd van 1/120e seconde nodig. Allemaal best lastig, maar oefen er vooral even mee, en dan heb je het zo onder de knie.

Heb je nog vragen naar aanleiding van het artikel? Zet ze in de comments en ik zal ze beantwoorden!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *