De juiste belichting

Waarschijnlijk heb je het wel eens meegemaakt. Je maakt een foto, maar als je de foto vervolgens bekijkt is hij veel te donker of te licht en is wat je wilde fotograferen helemaal niet meer goed te zien. Of je kreeg juist een mooie foto die iets lichter was dan de werkelijkheid, maar je weet niet meer hoe je dat had gedaan. Een van de belangrijkste technische dingen om het eerste te leren als je begint met fotograferen is hoe je de belichting goed krijgt. De andere aspecten hebben hier allemaal mee te maken. Foto komt dan ook van het Griekse woord voor licht. Je maakt dus eigenlijk een tekening van licht. Dit heeft allemaal te maken met de werking van de camera, die aan de hand van lichtintensiteit dat de camera binnenkomt een goed beeld kan maken van wat er zich buiten bevindt. Het klinkt allemaal best ingewikkeld, maar het komt er op neer dat je zonder licht geen foto zou kunnen maken. Net als dat je zonder licht niet zou kunnen zien. Allemaal leuk en aardig, maar hoe kun je je camera dan gebruiken om ervoor te zorgen dat je foto niet overbelicht is? Dat lees je in dit artikel.

Stops

De hoeveelheid licht wordt in de wereld van fotografie bepaald door stops. Misschien heb je het wel eens gezien, een metertje op de camera dat van -3 tot +3 gaat, of in sommige gevallen, van -2 tot +2. De getallen staat voor het aantal licht stops dat je camera meet. Dit werkt als volgt, iedere keer dat een stop wordt verhoogd, bijvoorbeeld van 0 naar +1, wordt de hoeveelheid licht in de foto verdubbeld. Dat wil ook zeggen dat een stop van 0 naar +2 betekent dat de hoeveelheid licht 4 keer zo veel is geworden. Andersom is het wat lastiger rekenen. Als het metertje verplaatst van 1 naar -1, heb je in het geval van -1 maar een kwart van de hoeveelheid licht je die had toen het metertje nog op +1 stond. Best ingewikkeld allemaal, maar in de praktijk is de technische kant niet zo belangrijk. Wat wel belangrijk is, is hoe je dit kunt gebruiken om je foto’s te verbeteren. Hiervoor is nog een klein beetje achtergrondinformatie nodig, hou vol!

Dit is hoe de lichtmeter er uit ziet op mijn camera. Het streepje staat op 0, dus zal de camera een foto nemen ervan uitgaande dat er ongeveer 18% licht wordt weerkaatst.
18% weerkaatsing

Wanneer de zon licht op een voorwerp schijnt, wordt er licht weerkaatst. Je ziet dus een voorwerp, omdat licht wordt weerkaatst dat je ogen opvangen. Omdat niet altijd dezelfde hoeveelheid licht wordt weerkaatst, is het mogelijk om vormen te zien. Een schaduw is bijvoorbeeld donkerder dan iets waar licht direct op schijnt. De camera maakt gebruik van de hoeveelheid licht die wordt weerkaatst in een omgeving, om hier een beeld van te maken. Gemiddeld wordt er ongeveer 18% van het licht in een omgeving weerkaatst. Je camera is zo geprogrammeerd dat als jij ergens op focust in de automatische stand, hij dat gedeelte behandelt alsof er 18% licht wordt weerkaatst. In de meeste gevallen is dit goed, en zul je dus mooie foto’s krijgen. Er zijn echter wel gevallen waarbij dit niet klopt. Denk maar aan een wit oppervlak. Dit weerkaatst veel meer licht dan een zwart voorwerp. Als je op een van die kleuren zou focussen, is het geen 18% en probeert je camera hiervoor te compenseren. Op deze manier zul je vaak een overbelichte of onderbelichte foto krijgen. Het wit wat je wilde fotograferen is dan meer een soort grijs geworden, en het zwart is juist lichter geworden. De camera gaat ervan uit dat jij de foto met 18% licht weerkaatsing heeft genomen, en zet de lichtmeter op 0 stops.

Compenseren voor de camera

Gelukkig is het mogelijk om voor het gedrag van je camera te compenseren. Zet je camera maar eens in de Programma modus (P). In deze modus is het mogelijk om de lichtmeter zo neer te zetten dat hij een foto maakt met de belichting die jij wil. Wil je een perfect zwart object fotograferen, dan is het handig om de lichtmeter op de laagste stand, -3 of -2 te zetten. Let er wel op dat je zwarte voorwerp dan in het midden van de foto staat, of dat dat het gedeelte is waar je op focust. Met een wit object is het juist beter om de lichtmeter op de hoogste stand te zetten, dus +3 of +2.  Natuurlijk zul je niet altijd alleen maar zwart, wit en 18% grijs fotograferen. Probeer je camera daarom eens uit op andere donkere voorwerpen. Misschien is het bij dat voorwerp wel het beste om de meter op -1 te zetten, of op een stapje er tussenin! Het is best lastig om dit snel onder de knie te hebben, dus oefen hier vaak mee!

Het is allemaal best ingewikkeld om hier in het begin alles over te begrijpen. Als je dus nog vragen hebt, stel ze! Ik zal mijn best doen ze zo goed mogelijk te beantwoorden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *